None

Blinddoek

Nico Dijkshoorn schrijft in ieder nummer een column in het ARTIS-tijdschrift.

Zoomeravond_Nico Dijkshoorn_2017_1920x1080.jpg

Midden in een verlaten Australische vallei staat een boom die al groeide toen er dinosauriërs omheen scharrelden. Brontosaurussen zochten naar schaduw onder deze boom. De naam van deze oeroude reus: Wollemi Pine. In ARTIS groeit sinds kort een stekje.

Een prachtige naam. Ik vind dat er te weinig mensen naar bomen worden vernoemd. Fijne geboortekaartjes worden dat. ‘Wij noemen hem Eik.’ Ik zelf zou graag Beuk of Spar hebben willen heten. Over 90 jaar staan er ARTIS-bezoekers vlak bij de Wollemi Pine en zeggen zij tegen hun kinderen: ‘Deze boom heet hetzelfde als pappa.’

Dat moet een intimiderende ervaring zijn. Ik kan al nauwelijks de oerkracht van een leguaan aan. Kijk tien seconden een hagedis in de ogen en je voelt je een zuigeling. Vlak voor eeuwenoude evolutie verandert de mens in een stipje.

Bij deze boom zal dat niet anders zijn. Een mooi detail: in Australië mag je er alleen geblindeerd in een helikopter naar toe reizen. Ik zou deze service ook in ARTIS willen implementeren. De helikopter hoeft niet, maar het lijkt me zo fijn om, met de hand van een ARTIS-medewerker op mijn schouder, geblinddoekt naar de gorilla’s te worden gebracht.

Ik vond het nachtdieren-verblijf al zo fijn, maar dit is nog mooier. Daar droom ik van, met een zwarte fluwelen lap voor mijn ogen vlak voor een aquarium staan en dan opeens die overweldigende golf licht, kleur en beweging.

Maar laten we beginnen met de Wollemi Pine. Kleine groepjes eerst. De boom moet voorzichtig aan Nederlanders wennen. Zoiets moet je niet forceren.
Dertig zwijgende bezoekers met een theedoek voor hun ogen vlak voor de boom, een ARTIS-medewerker die in hun oor fluistert: ‘Nu mag hij af’, even wennen aan het licht en daar staan ze dan. Oog in oog met de eeuwigheid.