Maleise jaarvogels leven in de laaglandbossen en moerasachtige gebieden in Zuidoost-Azië.

Wat eet hij het liefst?

Maleise jaarvogels eten voornamelijk vruchten en vijgen. Het sappige fruit zit vol met vocht, waardoor Maleise jaarvogels bijna geen water hoeven te drinken. Ze zoeken vaak in paren naar voedsel, maar in grote fruitbomen zitten ze soms met groepen van wel dertig vogels bij elkaar.

Ingemetseld

Maleise jaarvogels zijn monogame dieren. Een broedpaar maakt elkaar het hele jaar door het hof, wat zorgt voor een ijzersterke onderlinge band. Het mannetje voert het vrouwtje als onderdeel van de balts. Maleise jaarvogels broeden tijdens het regenseizoen, tussen december en januari. Als ze gepaard hebben, zoekt het vrouwtje een diep gat in een boom om in te nestelen. Ze metselt zichzelf in door het gat te dichten met poep en voedselresten. Een klein spleetje blijft over, waardoor het mannetje haar en de jongen voert. Het vrouwtje blijft zo’n 3 tot 4 maanden in het nesthol, tot de jongen groot genoeg zijn. Dan breken ze er uit.

Gezond regenwoud

Vroeger vielen de jongen van de Maleise jaarvogel ten prooi aan mensen die de jongen uit het nest haalden om te verhandelen. Tegenwoordig komt de bedreiging vooral door het verdwijnen van leefgebied. Door het kappen van bossen verdwijnen de holen waarin Maleise jaarvogels nestelen. De aanwezigheid van deze vogels is een teken van een gezond Aziatisch regenwoud. Ze nestelen namelijk alleen in onverstoord, primair bos. De zaden van de vruchten die ze eten verspreiden ze via hun mest.

Snavel

Grove ribbels sieren de helm van de Maleise jaarvogel. De helm is de knobbel die boven op de snavel zit. Het mannetje heeft een grote gele snavel met rood aan de ‘basis’, die van het vrouwtje is helemaal geel.