levensgenieters pur sang
Maleise tapirs zijn levensgenieters pur sang, dat zie je aan alles wat ze doen. Of, zoals tapirs het liever hebben, laten doen.
Neem hun eetgedrag. Met grote stappen lopen ze naar hun voer, ongeacht of ik als verzorger in de weg sta of niet. Als ze voer zien lopen ze over of desnoods door me heen om er te komen. Gretig wordt het gras of blad met buitenproportionele hoeveelheden in de bek genomen, waarna een hevige kauw- en smaksessie volgt. In China is het beleefd om hard te smakken als het eten lekker gevonden wordt. Nou, als een Chinese huisvrouw een tapir aan tafel zou hebben, waant ze zich een chef-kok in een 5-sterrenrestaurant.
Tapirs hebben naast eten nog een tweede grote hobby; slapen. Dit doen ze languit in het stro. Poten gestrekt, snot uit de neus en snurken maar. Als ik ze wakker maak om naar buiten te gaan, springen ze niet op als een Hollander die weer aan het werk moet. Nee, tapirs nemen dagelijks de weekendmethode om op te staan. Ogen open, even rustig een paar minuutjes nemen om wakker te worden, voorpoten strekken, dan de achterpoten en als laatste de rug. Als afronding een flinke gaap er achteraan en dan op je dooie akkertje de deur uit.
Soms zijn de tapirs een beetje uit hun hum. Misschien heb ik het strobedje niet goed opgeschud. Of ben ik vergeten de late lunch te voeren. Een chagrijnige tapir stampt en snuift en piept door het verblijf tot ik terug ben om de situatie voor ze op te lossen. En als ik dan weer aan de eisen van madame en monsieur heb voldaan, gaan ze lekker verder met datgene wat ze het beste kunnen: genieten.


















facebook
twitter